Slider

“…Een bedrijf, in het algemeen een start-up, dat met een nieuw markmodel de huidige werkwijze in markten wil aanpakken en veranderen, de gevestigde orde uitdaagt, wakker schudt en bedreigt…”

Dat is één van de definities die op internet te vinden is over een ‘disruptor’. Het in Rijswijk gevestigde bedrijf MainPlus, dat in betrekkelijk korte tijd naam heeft gemaakt als ‘regisseur’ op het gebied van vastgoedonderhoud  en -beheer, zou wel eens kunnen uitgroeien tot een disruptor in een soortgelijke coördinerende rol in de wereld van het  schadeherstel. Met het recente aanstellen van Gerard van Engelenburg (ex-directeur RGN) wil het in elk geval een prominente rol gaan vervullen in de schadeherstelmarkt. “We claimen het verschil te kunnen maken. In de vorm van een schadelastreductie, een verhoging van de uitgevoerde kwaliteit en last but not least een hogere klanttevredenheid”, stelt een ambitieuze directeur drs. Joost Versteeg.

Samen met collega-directeur Michel Amptmeijer richtte hij in 2011 MainPlus op. Het inmiddels 45 medewerkers tellende bedrijf ondersteunt tientallen vastgoedeigenaren en  - beheerders woningcorporaties en VVE’s met maatwerkoplossingen op het gebied van vastgoedbeheer en -onderhoud. Met kernwaarden als betrokken, prestatiegericht, ondernemend  en samenwerking en met een inmiddels indrukwekkend track record: meer dan 20% kostenbesparing op het dagelijks onderhoud, 98% reductie van het aantal facturen, minimaal 90% first time fixed op reparatiewerkzaamheden, 20% toename van de productiviteit van de in- en externe onderhoudsdienst en een huurderstevredenheid van 8,2.

Delta Lloyd

Sinds 1 januari van dit jaar is MainPlus ook actief als coördinator/ regisseur en ontzorger voor opdrachtgevers -  verzekeraars, volmachtbedrijven en andere bij schadeclaims betrokken partijen -  op het gebied van schadeherstel. Versteeg licht toe: “Eén van onze vastgoedklanten van het eerste uur – Delta Lloyd Vastgoed – benaderde ons of wij dezelfde rol konden vervullen bij schades. Inmiddels verzorgen we de regie en de coördinatie van het schadeherstel voor de labels Delta Lloyd, Ohra en ABNAmro, terwijl we inmiddels ook een volmachtbedrijf – Driessen Assuradeuren uit Den Haag – als klant hebben.”

De  MainPlus-directeur grijpt het  gesprek meteen aan om een mogelijk misverstand uit de wereld te helpen. “We houden ons met van alles bezig in het schadeherstelproces, maar zeker niet met de uitvoering. Daarvoor maken we voor onze opdrachtgevers, op basis van de door hen opgestelde SLA-eisen,  afspraken met schadeherstelbedrijven. Op die manier ontzorgen wij hen  gedurende het gehele schadeproces. Onze meerwaarde zit in de organisatie én de regie. In onze ogen is een randvoorwaarde voor succes ervoor te zorgen dat iedereen zich bij zijn corebusiness houdt. Op die manier denken wij  een efficiënter proces voor het schadeherstel te kunnen realiseren - o.a. door  snellere afwikkeling, lagere proceskosten en zoveel mogelijk werk tijdens het eerste bezoek af te ronden – alsmede een lagere schadelast en een hogere tevredenheid bij de klanten/verzekerden van onze opdrachtgevers. Onze schadecorrespondenten vormen daarbij de  schakel tussen de  klanten die hun schade melden via het Klant Contact Centrum (KCC)  en de schadeherstellers die het onderhoud uitvoeren”, aldus Versteeg, die nadrukkelijk aangeeft dat het de intentie van MainPlus is om alle betrokken uitvoerende partijen in staat te stellen rendement te halen. “We kennen de markt en zijn op de hoogte van  duur en kosten van de reinigings- en herstelwerkzaamheden. We zijn dan ook extra alert op bedrijven die om wat voor reden dan ook onder de kostprijs willen werken, omdat wij weten dat zij dit op de een of andere manier zullen proberen dit te willen ‘terugverdienen’. Mijn stelling is dan ook: de hoogte van het uurloon is omgekeerd evenredig met de mate waarin ‘gesjoemeld’ wordt.” 

Intransparantie en perverse prikkels

Jullie claimen op dit vlak het verschil te kunnen maken? In welk opzicht?  Versteeg: “Wat ons als relatieve buitenstaander opviel in de schadeherstelmarkt is de hoge mate van intransparantie, ook wat de kosten betreft, en de aanwezigheid van tal van ‘perverse prikkels’ voor marktpartijen. Op basis van onze ervaringen in het vastgoedbeheer denken we ook op schadeherstelgebied slagen te kunnen maken, verbeteringen door te voeren en zo voordelen voor onze opdrachtgevers te kunnen realiseren”, aldus Versteeg.
Daarbij benadrukt hij dat zijn bedrijf hierbij volstrekt onafhankelijk te werk gaat. “We hebben geen enkel financieel belang in de uitvoering van het herstelwerk, niet bij de (omvang van de) schade en evenmin bij de schadeomzet. Onze beloning is nu nog een vooraf overeengekomen coördinatie-fee, maar in het ideaalplaatje zouden we voor ons werk een percentage van het behaalde rendement  (lagere schadelast en proceskosten en hogere klanttevredenheid) willen ontvangen. Maar dat is nu nog toekomstmuziek.” Hij wijst er daarnaast nadrukkelijk op dat zijn bedrijf geen toeslag in rekening brengt op de kosten van het schadeherstelbedrijf. “We sturen diens factuur één op één door. Volledige transparantie dus.”

Volop groeimogelijkheden

Bij MainPlus zien ze volop expansiemogelijkheden in het schadeherstel, niet in de laatste plaats omdat er momenteel op dit gebied in feite slechts een zeer beperkt aantal vergelijkbare marktpartijen operationeel is (CED Repair,voorheen MultiHerstel,  en HerstelDirect red.). “Er is in onze ogen zeker plaats voor een nieuwe regisseur’. Bovendien merken we bij verzekeraars, volmachtbedrijven en andere partijen met relatief veel schadeclaims de behoefte aan een partner in het schadeherstelproces die met hen kan meedenken en werk uit handen kan nemen. Zeker wanneer dit daarnaast leidt tot lagere kosten en schadelast en een hogere klanttevredenheid.”

Hun positivisme naar de toekomst toe wordt bovendien versterkt door het recente aantrekken van Gerard van Engelenburg als directeur MainPlus Schadeherstel, die de afgelopen zes jaar als directeur van reconditioneringsbedrijf  RGN heeft gewerkt en daarvoor bij Delta Lloyd als manager van het expertisecentrum. “Hij kent de markt en de gebruiken, de gangbare tarieven voor herstel en reiniging, spreekt de taal van de branche en heeft de contacten. Ons doel is samen met hem onze dienstverlening verder te professionaliseren en daarnaast ons korps aan opdrachtgevers verder uit te kunnen breiden.  Binnenkort mogen wij al onze volgende klanten verwelkomen bij MainPlus Schadeherstel.” Op de slotvraag wanneer hij tevreden is over de ontwikkeling van MainPlus Schadeherstel, antwoordt hij: “Als we er voor opdrachtgevers daadwerkelijk in slagen de schadelast omlaag te brengen en de klanttevredenheid omhoog. Dan bewijzen we onze meerwaarde in optima forma.

artikel